Korte samenvatting
emprestar a/para = UITLENEN. Het ding gaat van je weg: Emprestei o carro para o meu irmão. (Ik leende de auto uit aan mijn broer.) Regionaal emprestar de kan juist ‘lenen’ betekenen.
Duidelijke leenuitdrukkingen: pegar / pedir / tomar + het ding + emprestado — Peguei o carro emprestado. (Ik leende de auto.) Pedir drukt een verzoek uit.
Voorzetsels: emprestar a/para de ontvanger; pegar emprestado de/com de bron; pedir emprestado a/para de gevraagde persoon (met context voor para); tomar emprestado de/a de bron.
emprestado stemt overeen met het geleende ding, nooit met jou: o livro emprestado, a bicicleta emprestada, os livros emprestados, as canetas emprestadas (het geleende boek / de geleende fiets / boeken / pennen).
Drie nuances van lenen: pegar emprestado (gebruikelijk in spreektaal), pedir emprestado (erom vragen), tomar emprestado (soms formeler, ook gesproken).
Een gebruikelijk gesproken verzoek is Me empresta…? — Me empresta sua caneta? (Mag ik je pen lenen?)